Met het overlijden van Cesar Ernalsteen verliest Oost-Vlaanderen één van zijn oudere en gerespecteerde trekpaardfokkers. Cesar was geen man die de aandacht zocht, maar iemand die jarenlang vanop de zijlijn mee heeft gebouwd aan de ontwikkeling van het Belgische trekpaard.
Cesar behoorde tot een generatie die de grootste verandering in de geschiedenis van het trekpaard zelf heeft meegemaakt. Een tijd waarin het paard nog dagelijks op de boerderij werkte. Het was toen nog geen hobbydier, maar een trouwe werkgenoot waar landbouwers op konden en moesten rekenen.
Diezelfde generatie zag ook de komst van de tractor en daarmee het verdwijnen van het paard uit het dagelijkse landbouwleven.
Maar tegelijk ontstond een nieuwe rol voor het trekpaard: niet langer enkel als werkkracht, maar als ras, als erfgoed en als fokdier. Het type veranderde mee: groter, meer uitstraling, beweging en harmonie. Die evolutie werd niet alleen gemaakt door de grote namen, maar ook door tientallen kleinere fokkers die jaar na jaar, veulen na veulen, keuze van hengst na keuze van hengst hun bijdrage leverden.
Cesar was één van die mensen.
Afkomstig uit een landbouwfamilie in Zele (Heikant) groeide hij op met paarden rondom hem. Op de ouderlijke hoeve waren paarden een vanzelfsprekend onderdeel van het dagelijkse leven. Nadat hij de boerderij overnam, werkte hij mee in de periode waarin de landbouw langzaam overschakelde van paard naar tractor. Hij kende het paard als werkkracht, maar ook als onderdeel van het boerenleven.
Toen er later opnieuw wat ruimte en vrije tijd kwam, haalde hij het trekpaard terug op de hoeve. Dan niet meer uit noodzaak, maar uit pure liefde voor het ras.
Vanuit die passie begon hij opnieuw te fokken. Zoals vele van onze kleinere fokkers deed hij dat niet om zelf op de voorgrond te staan, om mee te spelen op prijskampen, maar om mee te werken aan de toekomst van het Belgische trekpaard.
Binnen zijn fokkerij Uit de Gavers werden door de jaren heen paarden gefokt die hun plaats vonden binnen de Belgische fokkerij. Met hengsten als Jumbo uit de Gavers en Rambo uit de Gavers leverde Cesar mee aan de verdere verspreiding van waardevolle bloedlijnen. Vooral Jumbo liet zijn invloed verder gelden, onder meer in Wallonië, waar nakomelingen op nationaal niveau toch wel mooie resultaten behaalden.
Ook via de moederlijnen (oa. Louisa uit de Gavers) vinden we de invloed van Uit de Gavers terug in paarden die later hoge ogen gooiden. Zo speelde deze fokkerij mee in de achtergrond van paarden zoals Leander uit de Boterhoeve en Lord van de Boterhoeve, die in 2023 Belgisch kampioen werd. En ondertussen zitten deze bloedlijnen ook alweer in een derde of vierde generatie kampioenen.
Maar … de waarde van een fokker wordt niet alleen gemeten in kampioenschappen of goedgekeurde hengsten. De echte bijdrage zit vaak in het stille werk erachter: jarenlang keuzes maken, bloedlijnen opbouwen, proberen te verbeteren en het ras doorgeven aan een volgende generatie.
Kunnen en willen selecteren. De beste overhouden. En ook gebreken zien …
“Mijn paard, schoon paard” is niet altijd waar.
Daarin was Cesar Ernalsteen een voorbeeld, net als die vele andere kleine fokkers. Een vertegenwoordiger van een generatie die het paard zag veranderen van onmisbare landbouwkracht naar levend erfgoed, maar die altijd dezelfde verbondenheid met het dier behield.
Met zijn overlijden verdwijnt iemand die geen groot monument nodig heeft. Zijn werk leeft verder in de paarden uit zijn fokkerij en in de invloed die de fokkerij “Uit de Gavers” heeft achtergelaten binnen het Belgische trekpaard.
Rouwbericht:
Online condoleren:
https://uitvaartzorgderuyte.be/zele/
Noot van de auteur: Toen ik vele jaren geleden zelf een weitje zocht om mijn eerste trekpaard op te laten grazen, nadat ik deze mastodonten bij mijn grootouders op de boerderij altijd had gezien, en in een zotte bui dacht: “dat wil ik ook!”, kwam ik via via bij Cesar terecht. “Er woont in Zele nog een oudere fokker, ga daar eens horen.”
Hoewel je de laatste jaren wel wat harder moest roepen en de laatste twee jaar bijzonder moeilijk waren door zijn plotse ziekte, blijft Cesar de man die mij in de eerste jaren meenam naar jaarmarkten, mij al proestend stond uit te lachen wanneer ik na nachten waken net op het moment van het veulenen in slaap was gevallen en het veulen uiteindelijk aan mijn voeten stond te bijten. Het waren ook de momenten waarop we samen met onder andere zijn dikke kameraad Jozef Quintelier enorm, enorm (enorm!) veel gelachen hebben.
Ook al heb ik de laatste jaren zelf weinig tijd gehad voor de paarden en zal het misschien wachten zijn tot mijn pensioen voor wat meer tijd en een normaal ritme, wil ik Cesar vooral bedanken om die liefde voor het trekpaard aan te wakkeren, en voor de vele lessen en verhalen. En het vele lachen...
(Stijn Pauwels)



